OCF2 Energie maken doe je zelf

Uit Duurzame Brabanders

Ga naar: navigatie, zoeken

De tekst op deze pagina is een eerlijker en realistischer versie van wat er in het boek van het OCF2 project (Duurzaam, denken doen) is gepubliceerd. In het project Our Common Future 2.0 hebben ca 20 energie specialisten een document van 100 pagina's gemaakt met een visie op de toekomst van onze energievoorziening. Daar moest een populaire versie van komen. Helaas werd die populaire versie gemaakt door iemand die niet in de energie werkgroep zat, geen verstand van energie heeft en ook nog haar eigen visie en opinie in tekst stopte. De zorgvuldig in 3 maanden geformuleerde visie van de 20 energie specialisten werd zo tot wat franje onschadelijk gemaakt, en is alleen nog terug te vinden in wat bijzinnen. Dat is kennelijk hoe de katholieke universiteit Nijmegen omgaat met duurzaamheid en energie. Opvallend is ook dat de kritiek op de regering (CDA -- KUN?) helemaal uit het OCF2 verhaal is verdwenen, hieronder staat weer de werkelijkheid in Nederland, met kritiek. Nederland moet zich bevrijden van de overheersing door fossiele belangen, dat kan hier en daar pijn doen, voor sommigen, maar er is meer dan genoeg duurzame energie, die iedereen gratis krijgt aangeboden. Dat vinden fossiele energiebedrijven niet leuk.

De tekst op deze pagina is anders dan dat hoofdstuk in het OCF boek, het gaat wel uit van die tekst, meer is herschreven en omgevormd tot wat het had moeten zijn: Een inspirerende en realistische toekomst visie op onze energievoorziening, geen propaganda voor dom geachte volgers.

Om de verschillen te zien tussen de propaganda in het OCF2 boek en de inspirerende visie, kijk je naar de historie tab, bovenaan deze pagina. De tekst op deze pagina begon met de versie van dat hoofdstuk op 9 maart 2011, toen de communicatie met de eindredacteur stopte. Daarna is deze pagina in stappen verbetert tot een echte positieve en realistische en hopelijk inspirerende toekomstvisie.


Inhoud

Energie maken doe je zelf

Onze energierekening ziet er in de toekomst anders uit dan nu. Omdat de meeste energie uit windparken en zonnepanelen komt, kost de energie zelf niets meer, maar staat er vooral investerings kosten en dienstverlening op de rekening. We gebruiken namelijk meer elektriciteit, maar veel minder fossiele energie dan nu, en we maken het ook zelf. De rekening zelf is niet zo interessant meer, net als bij een hypotheek geldt vooral de lange termijn. Het hangt ook sterk af van wanneer je een een investering hebt gedaan en waarin.

Op de jaar rekening staat wat we waar hebben opgewekt en wat we verbruikt hebben. De energiebalans is wel on line te zien. Dat is interessant om regelmatig mee te kijken of de automatisch energie agent de juiste keuzes maakt, (meestal wel).

Jaar energie balans 2035 voor een gezin

  • Verbruik totaal 11000 kWh
  • Waarvan EV 3000 kWh
  • Huishouden 8000 kWh incl warmtepomp
  • Zelf opgewekt 13000 kWh
  • kavel windpark 8000 kWh
  • kavels zonnestroom 5000 kWh

, Op de rekening, die elk moment online te bekijken is, staat hoeveel we verbruiken, maar ook hoeveel we hebben geproduceerd. Eigenlijk is iedereen zo ‘prosument’ geworden: consument en producent tegelijk. Inzoomen op de rekening laat een aantal veranderingen zien. Het elektriciteitsgebruik van dit huishouden is een beetje lager dan in 2010: er is flink bespaard op energie in huis ten opzichte van 2010, maar het gas voor de verwarming is vervangen door extra elektriciteitsverbruik door een warmtepomp. Autorijden gebeurt elektrisch, wat de rekening verder opschroeft. Tegenover de kosten van dit elektriciteitsverbruik staan echter inkomsten. Die zijn afkomstig van de zonnepanelen op het dak van het huis, maar ook van een aantal projecten. De persoon die deze rekening bekijkt heeft namelijk behoorlijk actief geïnvesteerd in de opwekking van duurzame energie door zich hard te maken voor zonnepanelen op het dak van haar kantoor, maar ook door aandelen in een windmolen en lid van een project bij boer Jansen. Bij elkaar levert dat deze persoon deze maand dus een netto vergoeding op van €21,20. Voila ! De energie-prosument anno 2035!

Van ernstige energieverslaving naar milde dienstenverslaving

Het bovenstaande beeld van de ‘energieprosument’ anno 2035 is nog geen werkelijkheid. Onze samenleving is namelijk verslaafd aan energie en leunt nog grotendeels op fossiele energie en kernenergie. Voor een groot deel van onze handelingen is energie nodig: ‘s ochtends gaat de verwarming aan, voor een kopje thee is aardgas elektriciteit nodig en ook voor de productie van ons voedsel is energie gebruikt. Voor ons vervoer is olie (benzine of diesel voor de auto) of elektriciteit (trein en tram) nodig en ook computers gebruiken energie, evenals de gebouwen waarin we werken. Energie is daarmee één van onze belangrijkste levensbehoeften. Dit is al begonnen tijdens de industriele revolutie aan het eind van de 19e eeuw. Door de uitvinding van de gloeilamp en de stoommachine is de vraag naar energie enorm gestegen. Om die vraag te vervullen is daarna flink geïnvesteerd in de winning van fossiele brandstoffen zoals olie en aardgas. De Westerse samenleving heeft vervolgens een enorme ontwikkeling doorgemaakt doordat fossiele brandstoffen onbeperkt voorradig leken. Aan het eind van de 20ste eeuw werd echter duidelijk dat die voorraden helaas niet onbeperkt zijn en diende de eerste grote energiecrisis zich aan. Vooral het rapport van de Club van Rome in de jaren ‘70 voorspelde dat de grenzen van de groei in zicht kwamen als de wereld op de zelfde voet zou doorgaan (Meadows, 1972). Deskundigen zijn het sindsdien met elkaar eens dat de voorraden fossiele brandstoffen opraken. Volgens menig deskundige is het hoogtepunt van de olieproductie bijvoorbeeld al bereikt. In de jaren ‘90 volgde vervolgens het inzicht dat er een klimaatverandering gaande is die hoogstwaarschijnlijk alles te maken heeft met ons intensieve gebruik van energie en de daarmee gepaard gaande uitstoot van kooldioxide (CO2). Hoe dan ook, in de nabije toekomst zal ons energiegebruik tot forse problemen leiden. Als we ook onze kinderen nog een volwaardig leven gunnen, zal er dus iets moeten gebeuren. Nog tijdens óns leven.


Box 1 behorend bij bovenstaande deel van paragraaf ‘Energieverslaving’

nog maken: taartpuntje met verbruik energie van huishoudens


Om uit de situatie te komen waarin we te veel energie blijven gebruiken terwijl de voorraden opraken, bedachten energiedeskundigen een prioriteitenplan. Door de onderstaande drie prioriteiten toe te passen, pakken we onze energieverslaving structureel aan.

  1. . Wees zuinig met energie;
  2. . Gebruik duurzame energie;
  3. . Gebruik fossiele brandstoffen alleen indien nodig en dan zo efficient en schoon mogelijk.

(Lysen, 1996)

Deze prioriteiten toepassen kan iedereen thuis, op het werk en op vakantie. Het vraagt alleen wel een beetje inzicht in wat nu precies ‘duurzame’ en ‘niet duurzaam’ is en wat nu precies ‘fossiele’ energie is. Hieronder staan de meest gebruikelijke energiebronnen op een rijtje.


Box 2 behorend bij bovenstaande paragraaf ‘Energieverslaving’

Er is duurzame energie in overvloed, als je het pakt

Wie voor duurzame energie kiest, heeft er geen zorgen meer aan. In 2010 kon je al een zonnestroom installatie kopen. Die leverde ongezien energie, je hebt er geen omkijken naar. Dat gemak is gebleven tot vandaag de dag in 2035. Als je de juiste keuzes maakt, wordt het gemakkelijker en goedkoper.

Aantrekkelijke keuzes

  • Waar ga je eigen energie opwekken
  • Hoe lang wil je wachten om van brandsrtofkosten naar investeringskosten en diensten om te schakelen. Dezelfde soort keus als van een huurwoning naar een koopwoning, alleen minder duur, een paar maand salarissen. Ter waarde van een tweede hands auto.
  • Het huis energieneutraal? Dit zou wel eens de duurste investering kunnen zijn, vooral voor de comfort vergroting.
  • Elektrische Auto, energiezuinig gadget
  • Minder vliegvakanties, meer internet, maar dan zo vaak je wilt ver weg.
  • Eerlijk lokaal eten, of spercieboontjes en druiven met kerosine smaak
  • Energiearm vlees is gezonder
  • Het duurzamer imago van de werkgever.

Negatieve OCF2 benadering:

, Het is vervelend, maar het moet gezegd: wat betreft ons energiegebruik betreft zijn we eigenlijk ‘te dik’. Om te zorgen dat er ook voor onze kinderen nog genoeg energie is en het klimaatprobleem niet uit de hand loopt, moeten we nodig op energiedieet. Volg het 7-dagen-dieet en draag bij! Beloning: een goed gevoel en geld over!


  • Dag 1. Schaf energiezuinige apparaten en lampen aan
  • Dag 2. Eet minder vlees
  • Dag 3. Koop eens iets tweedehands
  • Dag 4. Gebruik minder warm water voor douchen en verwarming
  • Dag 5. Laat de auto wat vaker staan
  • Dag 6. Beperk vliegreizen
  • Dag 7. Isoleer huis of kantoor

Moeilijk ? Het dieet wordt aantrekkelijker als de besparingen in een aparte ‘feel good’ pot gaan. Laat alle deelnemers meebeslissen met het kiezen van een bestemming van het geld.


Lastige keus: mee met fossiel belang of opstand voor duurzaam

  • Aardgas is een fossiele brandstof. Nederland heeft een eigen aardgasvoorraad die naar schatting nog minimaal 20 tot 25 jaar mee gaat [energieteam, graag een bron!. In de vorige versie stond 60 jaar met vermelding van Milieu Centraal. Als dat niet klopt, graag wel een goede bron. In het rapport van de Energieraad kan ik dit getal nergens terugvinden]. Wereldwijd is er nog voor 250 jaar beschikbaar (Energieraad, 2011). Aardgas wordt vooral direct gebruikt in huizen en gebouwen voor verwarming en koken, maar wordt ook wel ingezet voor de opwekking van elektriciteit. Aardgas stoot CO2 uit bij verbranding, maar is redelijk schoon omdat het verder weinig vieze stoffen uitstoot. Aardgas is niet duurzaam, vanwege de bijdrage aan de klimaatverandering en doordat de voorraden langzamer aangroeien dan opraken.
  • Aardwarmte (of eigenlijk bodemwarmte) is waarschijnlijk de minst bekende duurzame energiebron. De warmte die in de aarde ligt opgeslagen wordt benut voor verwarming. Regen en zon zorgen ervoor dat de aarde op circa 50 meter diepte het hele jaar door rond de 8 tot 12 °C blijft (Aardwarmte, 2011). De kassen in Nederland maken al flink gebruik van aardwarmte, maar ook kantoren en huizen kunnen met behulp van een warmtepomp gebruik maken van aardwarmte (Milieu Centraal, 2011b en Energieraad, 2010).
  • Energie uit biomassa wordt opgewekt door verbranding, vergassing of vergisting van organische materialen zoals hout, groente- fruit- en tuinafval, plantaardige olie en mest. Biomassa behoort tot de duurzame energiebronnen omdat biomassa in principe onbeperkt beschikbaar is, al is er wel discussie over de mate van duurzaamheid (van Mierlo et al., 2008) en het potentieel. Sommige biobrandstof, bijvoorbeeld ter vervanging van diesel in auto’s, wordt van voedselgewassen gemaakt en dat wordt weer gezien als niet duurzaam.
  • Kernergie is geen fossiele energiebron, maar is ook niet duurzaam (Scheepers 2007). Voor de opwekking van kernenergie is uranium nodig, waarvan de voorraden naar schatting binnen zeventig jaar op raken (Scheepers, 2007). Bij de winning (???) en/of verwerking (???) van uranium komt behoorlijk wat CO2 vrij (Energieteam, graag iets explicietere info over waar in de keten CO2 vrij komt + volledige en betrouwbare bron. www.stormsmith.com is onvolledig en rommelige bron). Het grote probleem bij kernenergie is echter het radioactief afval. Dit blijft vele generaties na ons nog giftig en de opslag ervan is erg duur. Kernenergie is niet duurzaam zolang dit afvalprobleem niet is opgelost.
  • Olie is een fossiele brandstof omdat ook hiervoor miljoenen jaren nodig zijn geweest om de olie te vormen uit plantaardig materiaal. Olie wordt onder andere gebruikt voor de productie van benzine, kerosine, stookolie voor schepen en plastic. Het gebruik van olie is niet duurzaam, omdat de voorraden snel opraken (Hirsch, 2005) en omdat er veel CO2 en vervuilende stoffen vrijkomen bij de winning en de raffinage. Ook is de kans op lekken van olie groot, wat veel schade aan de natuur kan opleveren.
  • Steenkool is een fossiele brandstof. Steenkool wordt voornamelijk gebruikt in kolencentrales die electriciteit opwekken. De voorraden zijn naar schatting pas over enkele honderden jaren op (Milieu Centraal, 2011c). Bij de winning en gebruik komt er echter veel CO2 en vervuiling vrij en zijn zij dus een probleem voor het klimaat, de natuur en onze gezondheid.
  • De zon is een oneindige bron van energie en daarmee een van de meest duurzame bronnen. De zon kan gebruikt worden voor het ‘oogsten’ van warmte en het opwekken van elektriciteit. Warmte via de ramen, maar ook via zonnecollectoren voor warm water. Elektriciteit met zonnepanelen. Voor het maken van zonnepanelen zijn wel zeldzame grondstoffen nodig, die op termijn ook op kunnen raken. Volledig duurzaam zijn zonnepanelen daarmee dus nog niet.
  • Water stroomt vanzelf naar de zee en is daarmee een duurzame bron van energie. Watermolens maakten hier al vroeg gebruik van. De kracht van water kan op verschillende manieren worden ingezet en hiermee wordt in Nederland nog volop geexperimenteerd. Niet alleen stromend rivierwater, maar ook de kracht van getijdewerking is goed bruikbaar om elektriciteit mee op te wekken. Waterkrachtcentrales in rivieren kunnen de trek van vissen tegenhouden, maar daar zijn oplossingen voor.
  • Wind is net als de zon een duurzame energiebron. Via windmolens kan een deel van die wind worden ‘geoogst’ en omgezet naar elektriciteit. Windenergie kan direct worden gebruikt voor de eigen elektriciteitsvoorziening van bijvoorbeeld een boerderij met kleinere typen windmolens of windturbines. Er zijn ook grootschalige windmolenparken gebouwd op zee die leveren aan het hoogspanningsnet. Die energie komt dan via het stopcontact weer bij ons terecht.

Box 3 behorend bij opsomming energiebronnen als onderdeel van paragraaf ‘Energieverslaving’

Kies je eigen mix

Energiemaatschappijen zijn verplicht om aan te geven hoe de energie die ze leveren aan hun klanten, wordt opgewekt. Dit moeten ze jaarlijks aan hun klanten melden via het stroometiket. Iedereen kan dus nagaan wat er precies uit het stopcontact en de aardgasleiding komt. Voor aardgas zijn er nog maar beperkte alternatieven, maar voor de opwekking van electriciteit is de keuze groter: wel of geen kernenergie, al dan niet (een deel) duurzame energie.

Zélf de energiemix bepalen kan dus het eenvoudigste door over te stappen op een ander pakket, zoals groene stroom, natuurstroom of varianten daarop, of zelfs overstappen naar een andere energiemaatschappij. Op internet zijn diverse vergelijkingssites te vinden die daarmee kunnen helpen.

Daarnaast zijn er verschillende mogelijkheden om, los van energiemaatschappijen, zelf duurzame energie te produceren. Zonnepanelen op het dak zijn het meest bekend, maar in het buitengebied zullen regionale windparken gebouwd worden. Minder bekend, maar toch al door heel veel particulieren en (kleine)ondernemers aangeschaft, zijn warmtepompen voor de verwarming van huis of pand. Deze laatste mogelijkheden zorgen niet alleen voor meer duurzame energie in Nederland, maar ook voor een grotere onafhankelijkheid van de grote energiebedrijven.

Bronnen: ConsuWijzer, 2011 en Milieu Centraal 2011d


Dat een overstap naar duurzame opgewekte energie goed mogelijk is laat de onderstaande figuur zien. Er is genoeg zon, wind en biomassa voorhanden om in onze energievoorziening te voorzien. We moeten het alleen nog zien in te zetten. Andere landen in de Europese Unie zijn ons al ver vooruit.


‘Figuur 2 energie’ hier invoegen



Bovenstaande figuur rekent uit hoeveel duurzame energie er beschikbaar is als er vanaf vandaag geinvesteerd wordt in duurzame energie en in energiebesparing. In dat geval gebruiken we in 2050 44% minder energie en is er ruim voldoende energie beschikbaar in de vorm van zon, wind en biomassa. De figuur laat zien dat vooral windenergie belangrijk wordt, gevolgd door zonne-energie en biomassa (Quintel Strategy Consulting, 2011).

Een zonnige toekomst met Wind

Er is dus genoeg wind, zon en biomassa voorhanden om ook in de toekomst een comfortabel leven te hebben. Dat leven leiden we dan wel slimmer, meer ontspannen en bewuster dan nu. Wie straks zelf energie produceert, slim werkt en zuinig omgaat met energie zal geld verdienen in plaats van het uitgeven aan de dure laatste restjes benzine en elektriciteit uit kolencentrales. Dat betekent wel nú al investeren in die toekomst door energie te gaan besparen en energie duurzaam te gaan opwekken.

Die investeringen zullen zowel thuis als op het werk leiden tot een aantal flinke veranderingen. Om te beginnen zal bij een groter aantal veel mensen het huis ingericht zijn om te wonen én te werken. Het is voorzien van electronica en snufjes die er voor zorgen dat het huis automatisch zuinig omgaat met energie. Via elektronica die alle apparaten in huis verbindt via een netwerk (domotica) (DPN, 2010), gaan lampen automatisch uit als er niemand thuis is, wordt de verwarming laag gezet en gaan de standby-knoppen op TV, laptop en stereo uit. Vergaderen gebeurt aan tafel in de eetkamer via een ‘holovergadering’: de ‘aanwezigen’ worden in 3D geprojecteerd aan de tafel en de tafel zelf dient als touchscreen waarop alle ingebracht stukken zichtbaar zijn. Werken voor een werkgever of als zelfstandige vindt steeds meer plaats in ‘clouds’, samenwerkingsverbanden die via internet communiceren. Uiteraard kan de techniek de noodzaak om elkaar als collega’s te ontmoeten nooit helemaal vervangen. Vervoer van en naar ontmoetingsplekken, kantoren, werkcafe’s of andere vergaderplekken blijft dus nodig. Daarvoor gebruiken we dan de elektrische auto die ‘s nachts opladen aan het elektriciteitsnet. Dat wordt dan al voor meer dan de helft gevoed door duurzame energie. Natuurlijk blijven we gebouwen als ziekenhuizen, kantoren en andere openbare gebouwen houden, maar die gebruiken netto geen energie meer en zijn flink afgeslankt. Zie bijvoorbeeld in hoofdstuk x hoe de zorg zo is georganiseerd dat niet alles zich meer in het ziekenhuis afspeelt.

Ondernemende types werken en wonen niet alleen anders, maar verdienen ook een leuk neveninkomen door de opwekking van energie. Dit kan via zonnepanelen op het dak. Eerst wordt dan de energie gebruikt die de zonnepanelen opleveren en de rest vullen we aan via het stopcontact. Als de zonnepanelen meer opleveren dan het huis nodig heeft, loopt de elektriciteitsmeter terug en wordt het huis dus energieproducent. Dit levert inkomsten op. Hoe meer zonnepanelen op het dak, hoe meer inkomsten. Huizen, maar ook kantoren, met daken op het zuiden kunnen zo dus inkomsten verwerven. De mogelijkheden zijn echter groter. Energie opwekken kan ook als mede-eigenaar van bijvoorbeeld een windmolen of samenwerking met bedrijven die warmte over hebben (restwarmte). Ieder huis in de straat of de wijk is dan lid van de cooperatie of vereniging die zo’n windmolen beheert en deelt in de opbrengst. Het meest ondernemende type van vandaag, wordt daarmee in de toekomst degene die de hoogste neveninkomen verdient aan energieopwekking.

Tenslotte is de echte slimmerik natuurlijk de persoon die zijn of haar energiegebruik flink weet terug te schroeven. Dat kan al door bewuster boodschappen te doen. Zo heeft vlees heeft bijvoorbeeld veel meer energie nodig om te produceren dan groente van het seizoen (Blonk et al., 2008). Ook groenten en fruit van het seizoen besparen energie en natuurlijk helpt het om zó in te kopen dat er zo min mogelijk voedsel hoeft te worden weggegooid (Milieu Centraal, 2011e). Zie hoofdstuk x voor meer informatie over voedsel.

Energieke mensen gezocht!

Wie goed om zich heen kijkt zal ontdekken dat er al heel veel mensen bezig zijn met energie besparen, overstappen op duurzame energie en zelfs energie maken. Zij pionieren met nul-energiewoningen, hebben groene stroom of een warmtepomp voor de verwarming van het huis. Deze pioniers hebben vaak heel wat doorzettingsvermogen nodig gehad om dit te doen, want nog niet alles is zo geregeld dat een zonnige, energievriendelijke, toekomst makkelijk te organiseren is. Er zullen daarom wel maatregelen moeten komen die het voor iedereen, ook mensen met een druk leven die best een steentje willen bijdragen, simpeler maken om bewust met energie om te gaan. Hieronder staan de vier belangrijkste maatregelen opgesomd. Iedereen kan zijn steentje bijdragen om te zorgen dat die er ook gaan komen, als collega, als ondernemer, als (facebook-)vriend, als ouder of als buurtgenoot.


Box 4 behorend bij bovenstaande paragraaf

In Nederland zijn al minimaal 13 zogenaamde ‘windcooperaties’ actief. Particuliere leden of aandeelhouders van zo’n windcooperatie zijn mede-eigenaar van een of meer windturbines. De 13 windcoöperaties hebben samen ruim 80 windturbines met een totaal vermogen van ca. 40 MW. Jaarlijks wekken zij elektriciteit op voor 30.000 huishoudens (ODE, 2011).


  1. Een alles-etend electriciteitsnetwerk. Als we zoveel mogelijk zon en wind willen ‘oogsten’ zal het voor zoveel mogelijk mensen makkelijk moeten worden om zonnepanelen, zonneboilers en windmolens te plaatsen. Dit vraagt vooral om een electriciteitsnetwerk dat op elk moment van de dag overal energie kan opnemen. Dit netwerk moet dan gekoppeld zijn aan de meters in huizen en kantoren, die gemakkelijk heen en terug kunnen draaien: de meter loopt op als een huis netto energie van het net haalt en loopt terug als de zon hard schijnt en meer energie oplevert dan het huis waarop de zonnepanelen liggen. Elektriciteit kan zowel via het hoogspanningsnetwerk als via lokale netwerken worden vervoerd. Het hoogspanningnetwerk is echt iets dat Europees geregeld moet worden, maar lokale of regionale netwerken kunnen juist prima door gemeenten en provincies ondersteund worden. Juist zij kunnen zorgen dat huizen, straten en wijken die aan de slag gaan met duurzame energie, worden aangesloten op het elektriciteitsnet. Naast alleen electriciteit is het belangrijk dat er ook infrastructuur komt die vraag en aanbod van andere soorten energie bij elkaar brengt. Denk bijvoorbeeld aan restwarmte van bedrijven of biomassa die lokaal over kunnen zijn en nu niet gebruikt worden. Op dit moment e infrastructuur nog veel te veel afgestemd op alleen de grote energiecentrales.
  2. Goede dienstverlening aan particulieren. Het wemelt in Nederland van de energieadviseurs en overheidsdiensten, maar particulieren die zonnepanelen willen plaatsen of samen met anderen energie willen gaan maken, vinden maar moeilijk de weg. Daarom zal er snel een goede, en liefst gratis, service moeten komen voor mensen die aan de slag willen. Uiteraard vraagt het ook durf, ondernemerschap en frisse energie van mensen zelf, maar meer hulp bij het uitzoeken van geschikte technologie, aansluiting op het net en bijvoorbeeld vergunningen zou een enorme stimulans zijn. Hier ligt vooral een taak voor ambtenaren en ondernemers. Zij weten de weg om initiatiefrijke particulieren hierbij te helpen.
  3. Samenwerking. Niet wetten en regels veranderen de wereld, maar het gedrag van mensen. Elk mens kan in gesprek gaan om te zorgen dat er zonnepanelen op het dak van huis of kantoor komen, dat apparaten minder energie verspillen of dat er werkafspraken komen die energie besparen of duurzame energie stimuleren. Denk aan flexibeler werken zodat er minder energie nodig is voor verlichting en verwarming van kantoorruimte en er benzine (en geld) bespaard wordt doordat er vaker op afstand vergaderd wordt. Ook kan het misschien makkelijker zijn om zonnepanelen op het dak van een kantoorgebouw te leggen dan thuis. Collega’s kunnen dit samen oppakken en misschien zelfs aandeelhouder worden. Verstandige mensen beginnen met ideeën die niet alleen energiebewuster zijn, maar ook een relaxter leven bevorderen en geld besparen. Er zijn mogelijkheden te over. Hoe meer mensen samenwerken, hoe slimmer de ideeën.
  4. Een eerlijke prijs voor energie. Een heel belangrijke voorwaarde voor een energiebewust Nederland is dat er eerlijke prijzen worden betaald voor alle vormen van energie en dat we voor een langer periode vooruit kunnen rekenen op afspraken die er zijn gemaakt over prijzen. Dit betekent dat er op de lange termijn geen subsidies moeten zitten op energie. Zolang fossiele energie wordt voorgetrokken op duurzame energie, zoals nu het geval is (Beers, 2009), zal er tijdelijk extra geld moeten komen om duurzame energie meer kans te geven. Een manier om dat te doen is ervoor zorgen dat iedereen die op een kleinschalige manier duurzame energie levert aan het electriciteitsnetwerk, daar een goede prijs voor krijgt en geen extra kosten heeft voor aansluiting op het netwerk. Tegelijkertijd zullen stapsgewijs de echte kosten van de productie van energie terug moeten komen in de prijzen. Dat betekent dat ook kosten die nu via de algemene middelen, en dus de belastingbetaler, worden vergoed in de energieprijs moeten gaan zitten. Het gaat dan om de schade die fossiele brandstoffen brengen aan de natuur, onze gezondheid en aan het klimaat. Nu betaalt iedereen daarvoor. Straks alleen de gebruiker. Wie het meeste fossiele energie gebruikt, draagt het meeste bij aan het opruimen van de schade.

Box 6 behorend bij bullet 4

De Nederlandse overheid geeft jaarlijks 7,5 miljard subsidie weg voor de productie van energie uit kolen en gas (Van Beers en van de Bergh, 2009), vergeleken met ca 0,1 miljard voor duurzame energie. Daarbij is de fossiele subsidie indirect, dus zeker, terwijl de subsidie voor duurzaam heel onzeker is, en telkens wijzigt.


De toekomst bepalen we zelf

Hoe de wereld er precies uitziet over 25 jaar valt natuurlijk moeilijk te zeggen. Wel zal ons energiegebruik en de manier waarop we energie maken drastisch anders moeten zijn. Wie dat nu al weet, maakt andere keuzes bij de koop van een huis, de aanschaf van een auto en misschien wel de keuze van werk of woonplek. Daarbij geldt dat iedereen een rol heeft in het bepalen hoe de toekomst eruit ziet. In een wereld waar we andere mensen, bekend en onbekend, razendsnel via internet kunnen bereiken, geldt dat iedereen initiatief kan nemen op een terrein dat hem of haar ligt en mensen mee kan krijgen. Tegelijkertijd kan iedereen ook weer andere initiatieven volgen of op z’n eigen manier herhalen.

Een ‘to do’-lijst voor een energiebewust persoon kan er bijvoorbeeld zo uit zien:

  1. regelmatig: onderzoeken waar we thuis en op het werk energie kunnen besparen en een paar acties afspreken
  2. deze week:lid worden van een windmolen coöperatie
  3. deze week: op internet oriënteren op vakantie zonder vliegreis dit jaar
  4. volgende week: energierekening opzoeken en stroometiket checken; eventueel contract veranderen naar andere energiemix
  5. volgend werkoverleg: collega’s polsen of ze voelen voor zonnepanelen op dak kantoorgebouw en voorstel doen voor vaker vergaderen via skype
  6. komende maand: met buren overleggen of ze interesse hebben in een straatproject duurzame energie
  7. komend kwartaal ergens: ruilbeurs (inclusief feestje) organiseren met vrienden.
  8. eerstvolgende verkiezingen: links stemmen voor een partij die een goede visie heeft op een duurzamer toekomst, onderbouwd, zonder propaganda

Een zonnig energiebewust leven ligt dus binnen handbereik. Hoe meer mensen en hoe vroeger we die kant op bewegen, hoe beter we het hebben in de toekomst.

Bronnen

Persoonlijke instellingen